WAT MOEI D'R MET

maandag, april 03, 2006

Paranormaal

Ik ben het dorp nog niet uit en op weg naar Wierden. Dat ligt achter Vriezenveen. Ik ben dus eigenlijk amper op weg, als er een telefoon gaat. Niet mijn eigen, want die staat alleen aan als ik er zelf gebruik van wil maken. Aan de ringtone, het belgeluid in goed Nederlands, herken ik het mobieltje van Antonio. Het ligt op de achterbank. Antonio heeft de vracht die ik wegbreng vanmorgen geladen en zijn mobieltje blijkbaar in de bus laten liggen, die nu op weg is naar Wierden en voorlopig niet terug is. Mooi laten rinkelen, denk ik. Als het een klant is belt 'ie wel terug en als het Antonio is, op zoek naar zijn mobieltje, zal ik hem dadelijk verrassen, want ik ben bijna bij de rotonde aan het eind van het dorp. Maar het ding houdt niet op.
Dan moet het Antonio wel zijn, want klanten houden het over het algemeen niet zo lang vol. Hij heeft in de loods natuurlijk z'n mobiele nummer gedraaid en speurt nu in alle hoeken en gaten naar zijn telefoon, want hij is een beetje doof.
"Hallo", neem ik op.
"Ja, met Antonio. Heb jij mijn mobieltje?"
Hoe is het mogelijk he? Hij mag dan een beetje doof zijn, maar dat gebrek wordt, zo blijkt, ruimschoots gecompenseerd door een hoge graad van paranormale begaafdheid.