Vlot
Om kwart voor negen rij ik de Berlingo voor. Mijn moeder zit al startklaar. Ze moet om kwart over negen in het ziekenhuis zijn, waar ze een afspraak heeft met een specialist, die voor haar de uitslag van een bloedonderzoek heeft.
'Moet de rollator ook mee?" Omdat een Berlingo daar als het ware voor gemaakt is, besluit ik zelf maar om de vierwieler achterin te plaatsen.
In een half uurtje van huis naar de wachtruimte in het Emmer Scheperziekenhuis, inclusief een eindje wandelen, moet kunnen. Afke, mijn zus, had dat gezegd. Ze heeft daar ervaring mee. En mocht dat onverhoopt niet lukken? Geen nood. Wachtruimtes zijn er immers niet voor niets. Vaak zit je daar langer, dan in de auto op weg er naar toe.
Vandaag hebben we geluk. Het spreekuur is nog maar net begonnen, dus valt de wachttijd mee.
Om half tien zitten we - ik mag ook mee naar binnen - naast elkaar voor een bureau, waarachter een mevrouw zit, die mijn moeder schijnt te kennen.
'Hoe gaat het met u, mevrouw Geugies?' Mijn moeder voelt zich de laatste tijd weer een stuk beter, behalve haar rug dan, maar dat probleem hoort thuis bij een dokter die verstand heeft van wervelkolommen en die kan daar ook al weinig mee. 'Goed', zegt ze, 'alleen mijn rug.'
'Ja', zegt de mevrouw, 'dat weet ik, maar daar kan ik even niks mee.'
Als je voor het eerst met je moeder naar een specialist gaat en je hoort zulke teksten, dan begrijpt u, dat het vertrouwen in de gezonheidszorg op dat moment een forse deuk kan oplopen. Maar gelukkig ken ik de situatie waarin mijn moeder's rug verkeert, dus schrik ik daar niet van.
En eerlijk gezegd komen we daar ook niet voor. We komen voor de uitslag van het bloedonderzoek en uit dat onderzoek blijkt, dat mijn moeder's verdere welbevinden wetenschappelijk wordt ondersteund.
Met tot slot de mededeling, dat de medicatie mag worden afgebouw, staan we na pak 'em beet ruim tien minuten weer op de gang.
'Zo, dat ging lekker vlot', zegt mijn moeder. 'Ja', zeg ik. Het viel mij inderdaad ook niet tegen. Maar het had nog vlotter gekund. Die mevrouw achter het bureau had haar ook even kunnen bellen!
'Moet de rollator ook mee?" Omdat een Berlingo daar als het ware voor gemaakt is, besluit ik zelf maar om de vierwieler achterin te plaatsen.
In een half uurtje van huis naar de wachtruimte in het Emmer Scheperziekenhuis, inclusief een eindje wandelen, moet kunnen. Afke, mijn zus, had dat gezegd. Ze heeft daar ervaring mee. En mocht dat onverhoopt niet lukken? Geen nood. Wachtruimtes zijn er immers niet voor niets. Vaak zit je daar langer, dan in de auto op weg er naar toe.
Vandaag hebben we geluk. Het spreekuur is nog maar net begonnen, dus valt de wachttijd mee.
Om half tien zitten we - ik mag ook mee naar binnen - naast elkaar voor een bureau, waarachter een mevrouw zit, die mijn moeder schijnt te kennen.
'Hoe gaat het met u, mevrouw Geugies?' Mijn moeder voelt zich de laatste tijd weer een stuk beter, behalve haar rug dan, maar dat probleem hoort thuis bij een dokter die verstand heeft van wervelkolommen en die kan daar ook al weinig mee. 'Goed', zegt ze, 'alleen mijn rug.'
'Ja', zegt de mevrouw, 'dat weet ik, maar daar kan ik even niks mee.'
Als je voor het eerst met je moeder naar een specialist gaat en je hoort zulke teksten, dan begrijpt u, dat het vertrouwen in de gezonheidszorg op dat moment een forse deuk kan oplopen. Maar gelukkig ken ik de situatie waarin mijn moeder's rug verkeert, dus schrik ik daar niet van.
En eerlijk gezegd komen we daar ook niet voor. We komen voor de uitslag van het bloedonderzoek en uit dat onderzoek blijkt, dat mijn moeder's verdere welbevinden wetenschappelijk wordt ondersteund.
Met tot slot de mededeling, dat de medicatie mag worden afgebouw, staan we na pak 'em beet ruim tien minuten weer op de gang.
'Zo, dat ging lekker vlot', zegt mijn moeder. 'Ja', zeg ik. Het viel mij inderdaad ook niet tegen. Maar het had nog vlotter gekund. Die mevrouw achter het bureau had haar ook even kunnen bellen!


<< Home